Gastblog Van Jorien

Verloskundige en bang voor honden

Ik rijd een groot boerenerf op en daar staan ze me op te wachten. Vijf grote honden van het formaat koe staan me blaffend aan te kijken. Ik zit met een kloppend hart in de auto. De eerste hond staat al met zijn snuit tegen mijn zijraam letterlijk op mij neer te kijken. De andere 4 weten ook een plekje te veroveren voor de ramen van mijn auto. Ik ben omsingeld. Help, ik ben een lafaard. Er gaan meerdere gedachten door mijn hoofd. Ik overweeg om gewoon weer weg te rijden en de visite voor morgen door te schuiven. Nee, dat kan ik niet maken tegenover mijn collega’s. Dan denk ik: “Kom op Jorien even dapper zijn, je kunt dit. Andere mensen zijn hier ook niet opgegeten.” Deze gedachte overtuigd me vaak wel bij 1 hond, maar 5 kan ik echt niet handelen. Dan maar mijn laatste redmiddel. Ik bel vol schaamte de kraamvrouw en haar man komt me uit mijn auto bevrijden. 

Oplossingen voor mijn angst

Ik weet dat ik niet de enige ben die bang is voor honden, maar erg handig met mijn werk is het niet. Ik doe dus ook echt mijn best om over mijn angst heen te komen. Apetrots ben ik als ik weer in mijn auto zit en ik bijna zonder angst en gedoe een visite heb afgelegd waar een hond was.

Van mijn oud collega heb ik goede tips gekregen waar ik nog vaak aan denk. Zoals niet een hond in de ogen kijken. Mijn schoonvader kwam met de tip dat ik altijd lucifers mee moest nemen. Als een hond te dichtbij komt dan kun je een lucifer aansteken, bijna alle honden zijn namelijk bang voor vuur. Of de baasjes daar zo blij mee zijn betwijfel ik.

Mijn man gaat nog een stapje verder. Hij zegt dat ik ze weg moet schoppen als ze mij wat willen doen. Nou ga ik het gevecht niet aan met een hond, dus die vergeten we weer snel.

Een andere keer toen ik op een groot erf stond, kwam er een grote herdershond blaffend naar mijn auto toegerend. Deze hond vond ik echt heel eng en ik durfde opnieuw niet uit mijn auto te komen. Ik zat op mijn stoel heen en weer te schuiven en was aan het bedenken wat ik deze keer zou doen. Op een gegeven moment zag ik dat de hond verveeld de schuur in liep. Ik opende mijn auto en rende als een speer naar de schuurdeur. Met al mijn kracht en snelheid rukte ik aan de schuurdeur en duwde hem dicht. Hoppa hond opgesloten, probleem opgelost. Nu moest ik alleen via de voordeur naar binnen die natuurlijk op slot zat (op een boerderij kom je altijd achterom). Met veel gedoe heeft de kraamverzorgster die voor mij geopend.

Toen kwam natuurlijk de vraag van de kraamvrouw waarom ik niet achterom kwam. Nou, ik heb je hond daar opgesloten. Haha, ik kreeg het niet uit mijn mond. Ik kwam niet verder dan wat onzin over dat ik de voordeur zag.

Laatst liep er een student met mij mee. Het meisje was nogal gek op dieren en zou mij wel beschermen tegen de honden zei ze. Ik was helemaal blij met haar, want we gingen naar een huis met tien hondjes. Zoals vaker in zo’n situatie laat ik de student voorop en loop ik als een schijtluis snel achter haar aan. Nu ging zij dus ook voorop en daarna rende ik langs haar naar boven naar onze cliënt. Terug in de auto zei ik vrolijk met wat zelfspot tegen haar dat we daar maar goed door waren gekomen. Zegt ze tegen me dat ze net gebeten was door één zo’n klein hondje. Hmmm, niet echt bemoedigend….

Overwinningen

Naast alle schaamtevolle nederlagen, gaat het soms ook goed. Tijdens een bevalling moest ik uren wachten op de ontsluiting. Tijdens de weeën ben ik ook een tijdje naar beneden geweest om even wat te rusten. Ik kreeg die nacht gezellig gezelschap van mijn grote vriend de viervoeter. Het was een grote bruine oude lobbes. Hij hield mij in de gaten en ik hem. Na een tijdje aan de keukentafel besloot ik dichter naar hem toe te gaan en op de bank te gaan liggen. Hij bleef keurig in zijn hoek en zo kon ik nog even rusten. Slapen ging me iets te ver, maar de bruine lobbes en ik sloten stilzwijgend vriendschap. En ik voelde een kleine overwinning.

Zo trotseerde ik onlangs ook nog een koppel politiehonden. Ik moest ‘s avonds naar een zwangere vrouw die haar kindje niet goed voelde bewegen. Het was al donker en ik parkeerde mijn auto vlak bij haar huis. Komen er in één keer twee grote honden de straat oprennen vanuit haar huis. Ik keek ernaar en dacht: “Ik ga nu gewoon in een rechte lijn naar binnen.” De deur was open dus de baasjes moeten in de buurt zijn. Ik ben met opgeheven hoofd gaan lopen en ben veilig binnen gekomen. 

Nu hoop ik dat ik met mijn verhaal geen hondenliefhebbers voor hun hoofd heb gestoten. Bedenk dat wij, hondenvrezers, ook maar mensen zijn die ons best doen. Tips zijn altijd welkom en enthousiaste honden uit onze buurt houden is nog meer welkom. Maar deze verloskundige lafaard is hard aan het werk om een held te worden, al is het een hondenheld op sokken.

Jaaa, nog meer leuke blogs!

Laat je van je horen?

Leave a Reply

Lees vorig bericht:
DIY: Zo style je je eigen babygym!

Bij de oudste twee kinderen had ik zo'n plastic babygym. Die heeft leuke muziekjes en kan echt niet kapot, super...

Sluiten